In de Van Tijenbuurt in Amsterdam Geuzenveld wordt gesloopt en gebouwd. Opzichter Oliver Burmeister en directievoerder René Boom werken op dit moment aan ‘GeTijenVeld’ fase 1.
“We bouwen zowel hoog- als laagbouw”, vertelt Oliver: “48 appartementen in een hoogbouwblok, voor de helft WIBO-woningen en de andere helft reguliere sociale huur. De twee soorten woningen krijgen aparte entrees. Beneden komen drie bedrijfsruimtes en een ontmoetingsplek voor de bewoners van de WIBO’s. De laagbouw bestaat uit 94 eengezinswoningen en woon/werkwoningen en vier huurappartementen. Zowel huur als koop. De huur is geconcentreerd in twee woonblokken.”
Bedrijvige buurt
De start van de oplevering wordt verwacht in het voorjaar van 2010, aldus collega René. “Daarbij zijn we afhankelijk van de nutsbedrijven en van eventuele weersinvloeden. Dat kan zo maar vier weken schelen. Helaas is nog niet alles verkocht. Vooral de woon/werkwoningen doen het goed in de huur en de koop. Dit is een bedrijvige buurt! In de volgende fase beginnen we dan ook met eerst nog zo’n zelfde blok eengezinswoningen en woon/werkwoningen te bouwen.”
Trein en speer
De eerste paal voor de hoogbouw werd geslagen op 19 november 2008. De laagbouw volgde in mei 2009. “Nu begint de afbouwfase”, zegt Oliver. “De buitenkant van de hoogbouw is met de Kerst grotendeels gereed. Dat moet ook wel, want de steigers gaan weg.”
Het werk aan de hoogbouw, traditionele bekistingsbouw, gaat met min of meer normale snelheid. René: “Het tempo in de laagbouw ligt veel hoger. Daar werken we met een prefabsysteem Je kunt in een week tijd een blok woningen neerzetten. Als je de hele trein eromheen goed organiseert, ga je als een speer!” “In de bouwvergadering zitten we met zijn allen bovenop de planningen”, vervolgt hij. “We komen natuurlijk een hoop kleine problemen tegen, zoals op iedere bouwput, maar we hebben nog geen grote tegenslagen gehad.” Volgens Oliver is dat ook te danken aan goede voorbereiding en planning. “Daar hebben we de tijd voor genomen en dat betaalt zich nu terug.”
Nieuwe Bouwen
Een opzichter als Oliver is niet meer de boeman van vroeger die zegt dat het anders moet. Dat heeft zo zijn voordelen volgens René: “Als je met mensen kunt omgaan en daar de tijd voor neemt, kun je veel problemen samen met de uitvoering voorkómen. Die hoef je dan niet achteraf op te lossen. Dat is onderdeel van het Nieuwe Bouwen. Elkaar meer betrekken bij wat je doet. Zo heeft de uitvoering direct profijt van de aanwezigheid van de opzichter en wordt hij niet meer als ‘lastig’ ervaren.”
Oliver is het daar mee eens. “Door de korte lijnen kun je de kwaliteit bovendien veel beter waarborgen. Verder is het gewoon goed voor de sfeer op de bouwplaats. Daar heb je allemaal voordeel van. Ik kan dingen nu ook direct met mensen in de uitvoering bespreken en dat achteraf melden bij de uitvoerder. Dat gebeurt ook andersom. Dat vertrouwen is veel waard.”